rakker


tipjes.nl


Bij je favorieten | Eigen Startpagina




 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Paginanaam nog vrij?

Paginanaam:

.tipjes.nl

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Alle dochterpagina's
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Friese paarden

Het Friese paard is een inlands raspaard. Zijn wortels gaan ver terug in de tijd. Al in de 13e eeuw was de Fries bekend en tegenwoordig vertoont het nog steeds duidelijke overeenkomsten met zijn verre voorouders. Het Friese paard werd waarschijnlijk al meer dan 3000 jaar geleden gebruikt. Uit oude bronnen blijkt dat het paard al gebruikt werd door de Romeinen, die het paard zeer waardeerden. Ze namen de Fries mee als oorlogspaard, tijdens de veldtocht naar Engeland. In de Middeleeuwen werd de Fries vooral als krijgspaard gebruikt. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog leverden kruisingen met Spaanse paarden, voornamelijk Andalusiërs in de zeventiende eeuw een actief en veelzijdig type Fries op.


friese paarden
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Tinker

De Tinker is een meestal bont paard, al zijn er ook effen tinkers. Bont betekent dat het paard meerdere kleuren heeft. Meestal zijn de kleuren wit met bruin en/of zwart. De Tinker heeft een schofthoogte van ongeveer 1.50 m. Als een Tinker 3 jaar is, moet hij minimaal 1.35 m. zijn. Tijdens de winter heeft de Tinker een dikke vacht. Die dikke vacht beschermt tegen kou en de lange haren zorgen voor vlot aflopen van regenwater. In de zomer is de vacht kort en glanst. De manen en staart zijn altijd lang, krullend of recht. De Tinker heeft lange sokken, dat zijn lange haren aan de onderkant van de benen, net onder de knieën, en boven de hoeven. In Nederland zijn er twee stamboeken voor tinkers: het ICS (Irish cob society) en het Nederlands stamboek voor Tinkers. Het ICS hanteert niet de naam Tinker maar Irish Cob. Het NST hanteert een onderverdeling in vier secties. Het meest komt de Romany Cob voor. Dit type heeft vaak een stokmaat van rond de 1.50 meter, is zwaar gebouwd met veel behang en heeft een iets gedrongen lichaam. Daarnaast bestaan er de Vanner, de Grai en de Scudder. De Vanner is een wat grotere Tinker en wordt veel gebruikt als trekpaard. De Grai is een lichter gebouwde Tinker dat zeer geschikt is als rijpaard. De Scudder is het resultaat van inmenging van draversbloed. Ze zijn luxer en hebben nauwelijks behang. In Nederland komt dit type nauwelijks voor. Tinkers hebben een breed hoofd, met grote ogen, de oren wijzen naar voren en staan rechtop. De voorbenen zijn gespierd. De dijbenen zijn ook stevig gebouwd. De dijbenen moeten platte spronggewrichten hebben. Niet te hoekig en ook niet te recht. De hoeven moeten hard zijn. Niet te smal en ook niet te kort of te lang. Tinkers hebben soms een zogenaamd "maanoog" (blauw). Dit staat in verband met de werking van het piebald white spotting gen wat de pigmentaanmaak onderdrukt in delen van de vacht alsook soms oog. Hierdoor blijft de haarschacht leeg en toont "wit" en kunnen ook één of soms beide ogen een pigmentlaag missen en daardoor in plaats van bruin blauw er uit zien. De Tinker komt oorspronkelijk uit Ierland en Engeland. De naam Tinker komt van het Ierse woord tinceard (tinsmid; scheldnaam voor zigeuners). De Tinkers waren paarden van rondtrekkende zigeuners. Vanwege hun bonte aftekeningen waren de tinkers goed herkenbaar (en dus lastig te stelen) en werden ze niet geconfisqueerd door het Engelse leger omdat ze te opvallend waren. De Tinker wordt nu voornamelijk gebruikt als recreatiepaard of aangespannen. Ondanks wat veel mensen zeggen, is een tinker goed te gebruiken in de sport. Er zijn genoeg tinker die hoog dresuur rijden, en ook veel die goed springen


tinker
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Shoutbox

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Gratis Rakker Nieuwsbrief

 
 
 
 
 
 
 
rakker.tipjes.nl is onderdeel van www.tipjes.nl